
Ik merk dat het overlijden van mijn oma er toch wel inhakt. Op een allesoverheersende manier eigenlijk, want er is nog geen dag geweest waarop het verdriet niet ergens om de hoek kwam kijken. Soms heel duidelijk, soms meer op de achtergrond. Het zit in kleine momenten. Een gedachte, een herinnering, of het simpele besef: oh ja, dat is nu anders.
Het betekent ook dat ik moet wennen aan een nieuw normaal. Alleen weet ik eigenlijk nog helemaal niet hoe dat eruit moet zien. Hoe je zoiets vormgeeft. Hoe je doorgaat terwijl er tegelijk iets ontbreekt. Dus doe ik wat ik eigenlijk altijd doe: bezig blijven en afleiding zoeken. Dingen vinden om te doen, zodat mijn hoofd niet de hele tijd bij verdrietige gedachten hoeft te zijn.
Ik weet inmiddels ook wel dat dat een coping van mezelf is. Door bezig te blijven, is de rouw er even niet. Dan hoef ik niet stil te staan bij mijn emoties of bij alles wat er door mijn hoofd gaat. Dus verzin ik van alles om te doen. Dingen die eigenlijk totaal niet belangrijk zijn, staan ineens op mijn to-do lijst. Klusjes die normaal geen enkele prioriteit hebben, krijgen dat nu wel. Puur en alleen om maar bezig te blijven.
Mijn lichaam neemt me dat overigens niet in dank af. Want luisteren naar mijn lichaam… dat doe ik dan eigenlijk niet. Zodra ik stil zit, begint mijn gedachtenmolen weer te draaien. Dus ga ik liever door. Nog iets doen, nog iets oppakken of nog iets afmaken. Met als gevolg dat ik te veel doe. En dan komen er ook dagen waarop ik gewoon instort. Dagen waarop mijn lichaam zegt: nu is het genoeg. Dan lig ik op bed, voel ik me fysiek beroerd en komen daar de tranen over. Niet alleen door het verdriet, maar ook omdat mijn lichaam simpelweg op is en ik niet naar mijn lichaam geluisterd heb.
Vorige week hoorde ik mezelf nog zeggen: het moet maar weer allemaal normaal zijn. Mijn therapeute keek me toen aan en zei vrij rustig: “Maar dat kan niet. Rouw heeft tijd nodig. Je kunt gevoelens niet wegduwen. Ze komen toch dus je kan ze maar beter aangaan.” Mijn eerste reactie was eerlijk gezegd een beetje eigenwijs. In mijn hoofd dacht ik meteen: dat lukt me al jaren. Ik bedoel, na het overlijden van mijn moeder heb ik dat ook gedaan. En na mijn diagnose van vorig jaar eigenlijk ook.
En toch… weet ik ergens ook wel dat het zo simpel niet werkt. Misschien kun je verdriet een tijdje naar de achtergrond duwen. Misschien kun je jezelf een tijd lang bezig houden zodat je het niet hoeft te voelen. Maar uiteindelijk blijft het er toch. Misschien is dat ook wel waar ik nu middenin zit: zoeken naar een manier om met dat verdriet te leven, zonder dat het mijn hele wereld overneemt. En tegelijk accepteren dat het er gewoon mag zijn, ook als ik daar eigenlijk nog helemaal niet zo goed in ben. Dankjewel dat je de moeite neemt om dit te lezen. Het betekent veel voor me.
Liefs,
Sharon Roos
Eerdere blogs van de reeks Lieve oma:
– Gedicht: “De naam die jij vergat” – Lieve oma #1
– Gedicht: “Een moment van herkenning” – Lieve oma #2
– Gedicht: “Ik zie je zoeken” – Lieve oma #3
– Wanneer het contact verandert – Lieve oma #4
– Wanneer ik, voor jou, iemand anders word – Lieve oma #5
– Berusting – Lieve oma #6
– Tot ooit – Lieve oma #7
– En oma, ik hou van je – Lieve oma #8
